Bont voor Dieren

Nep bont en gerecycled bont- ons advies

“Wat is er mis met nep bont?!” versus “Ik ben tegen ál het bont, echt of nep!”. De meningen zijn zo divers als de welzijnsproblemen in de bontindustrie. Dagelijks krijgen wij opmerkingen en vragen over het wel of niet acceptabel zijn van bont, nep bont of andere dierlijke materialen zoals wol, dons en angora. De felle discussies op onze Facebook pagina schetsen een beeld van verwarring.  Met het risico dat de Nederlandse consument door de bomen het bos niet meer ziet, en besluit dat hij/zij zich nergens meer druk over maakt. Hieronder proberen wij een en ander te verduidelijken.

In de jaren ’80 kwam de harde waarheid achter bont boven water -bebloede dieren in kooien zo klein als een schoenendoos, dood door anale elektrocutie- en geen mens wilde meer gezien worden met deze martelmode. Het kopen en dragen van een 2000 gulden jas werd daarvoor nog gezien als een statement van luxe. Maar de nertsenjas degardeerde van statussymbool naar horrorjas. Deze drastische verandering in de publieke opinie over de ethische onaanvaardbaarheid van bont heeft uiteindelijk geleid tot een verbod op het fokken van chinchilla’s en vossen, en de bekrachtiging van het bontfokverbod. Dit alles was ondenkbaar voorafgaande aan de jaren ’80 van protest & actievoeren. Maar toen kwam het nep bont op de markt…

Nep bont

De bontindustrie was op sterven na dood, maar de marketingmachine werd in werking gezet om de bontproducten hoe dan ook weer terug op de markt te brengen. Massaproductie in China zorgde ervoor dat de inkoopprijzen van bontproducten kelderden en het bont steeds goedkoper werd. Tegelijkertijd begon nep bont aan populariteit te winnen onder het mom dat er tenminste geen dieren voor hebben geleden. En juist dát is een schot in de roos geweest voor de bontindustrie. Nep bont kwam het straatbeeld weer in, in de felste kleuren geverfd (ver verwijderd van de natuurlijke kleur van een vacht van een dood dier) en de verontwaardiging bij het zien van (nep) bont verdween. Terwijl het bont steeds goedkoper werd, bleef de consument achter in verwarring; ‘Deze goedkope sleutelhanger kan toch zeker niet van konijn gemaakt zijn..?’ Maar is dit wel echt verwarring of misleiding? De labels geven ook geen uitsluitsel, want geen merk vermeldt in duidelijk taal dat er bont in een jas/sleutelhanger/muts verwerkt is.

Ons advies: twijfel je over echt of nep? Koop het niet, want de labels kun je niet vertrouwen en echt bont wordt verwerkt in producten in alle prijsklassen!

Hergebruik

De wereld begon zich ook bezig te houden met natuurbescherming en het belang van duurzame ontwikkeling. Dat kunnen wij ook, moet de bontindustrie gedacht hebben en de duurzame marketingmachine werd in werking gezet voor de bontindustrie. Van keurmerkcertificaten (door de industrie zelf bedacht, uitgewerkt en jawel gecontroleerd) tot dierenwelzijnsaanpassingen. En mode ontwerpers wilden ook hun steentje bijdragen; wat voor duurzame oplossing kunnen we bedenken voor afgedankte bontjassen? We horen steeds vaker dat er jassen, tassen en zelfs hondenmanden worden gemaakt met oude bontjassen. Duurzaam? Nou nee, want er worden flinke hoeveelheden giftige stoffen gebruikt om van ruw bontmateriaal een jas te maken. En bovendien, wie kan met 100% zekerheid garanderen dat er voor die hondenmand niet ook dieren gedood worden in de bontindustrie? Stel dit nieuwe product blijkt enorm in trek te zijn, waar gaan dan al die nieuwe hondenmanden van gemaakt worden? Je raadt het al.

Ons advies: Koop geen producten gemaakt van gerecycled bont. Bont is bont, en het moet het straatbeeld uit!