Bont voor Dieren

18 oktober 2019 – Gistermiddag heeft het Slowaakse Parlement ingestemd met het bontfokverbod dat in 2021 van kracht wordt. Hiermee wordt Slowakije het veertiende Europese land met een bontfokverbod. Er is een overgangsperiode voor de fokkerijen tot 2025.

Na slechts zeven maanden campagnevoeren door de Slowaakse dierenbeschermingsorganisatie Humánny Pokrok, is het gelukt om het wetsvoorstel aangenomen te krijgen. Eerder heeft de organisatie onderzoeksbeelden gepubliceerd van een nertsenfokkerij in Noord Slowakije wat geleid heeft tot algemene publieke verontwaardiging. De dieren zaten in smerige kooien, met ernstige verwondingen en er waren duidelijke tekenen van kannibalisme en afwijkend gedrag. Meer dan 76.000 mensen hebben de petitie ondertekend om zo een einde te maken aan de bontindustrie in hun land. Eerdere onderzoeken hebben aangetoond dat maar liefst 68% van de Slowaakse bevolking tegen de bontindustrie is. Parlementslid Eva Antošová van het Slowaakse Nationale Partij heeft in september het wetsvoorstel ingediend dat gisteren met een ruime meerderheid van 107 stemmen voor en 43 tegen heeft gehaald. De volgende stap is dat de Slowaakse president Zuzana Caputová het aangenomen voorstel moet ondertekenen.

Martin Smrek, campagne coördinator van Humánny pokrok: “Het is een grote overwinning voor de dieren en een teken dat de Slowaakse maatschappij open staat voor veranderingen. Tienduizenden mensen komen op voor de dieren en hun bescherming. Slowakije heeft een grote stap voorwaarts gemaakt en we hopen dat dit het begin is van een mooie toekomst voor de dieren in ons land.”

Humánny pokrok is lid van de Fur Free Alliance, een internationale coalitie van dierenbeschermingsorganisaties tegen de bontindustrie. Bont voor Dieren is bestuurslid en enige Nederlandse vertegenwoordiger van de Fur Free Alliance.

Ook Natalie Wanga, directeur van Bont voor Dieren is verheugd met dit nieuws: “ we feliciteren onze collega’s in Slowakije met deze prachtige overwinning en binnen zo’n korte tijd! Dit is weer een bewijs dat steeds meer landen beseffen dat de bontindustrie zijn tijd heeft gehad. Ook overheden kunnen niet meer de publieke opinie en de gruwelijkheden uit de bontindustrie negeren.”